Categorie archief: beeld

Over Trump en de trombone van Tom Boonen

LILI is het Leuvense interdisciplinaire taleninstituut dat gisteren (13/11/2025) een druk bijgewoond ‘impact event’ heeft georganiseerd in Leuven. Topacteur Matteo Simoni werd uitgebreid geïnterviewd over hoe hij met talen en dialecten speelt in zijn acteerwerk. Briljant!

Het interdisciplinaire karakter van het onderzoeksinstituut kwam daarna nog meer aan bod, bij een aantal ‘lightning talks’. Ik had de absolute eer om er zo eentje te mogen verzorgen. Het onderwerp werd me aangereikt door de initiatiefnemers: “Hoe versla je Trump in zijn eigen taalspel?”

Na afloop werd het opnieuw duidelijk wat het voordeel is van de interdisciplinaire samenstelling van LILI. Het zit namelijk zo. Tijdens mijn ‘act’ had ik last van een droge mond. Speeksel blijkt echter nodig om een mooie rollende ‘r’ te vormen ((alveolair, zo begreep ik). Dat lukte niet. Daardoor werd mijn aankondiging dat ik de typische zangerige manier van spreken van Trump zou illustreren door een trombone na te doen, begrepen als een poging om Trump te imiteren zoals Tom Boonen dat zou doen… Na mijn ingestudeerd getoeter kwam er geen reactie uit de zaal en dat was heel bevreemdend. Er schoot van alles door mijn hoofd, bijvoorbeeld dat mijn grap waarbij ik het publiek op z’n Trumps had geschoffeerd in het verkeerde keelgat was geschoten.

Hieronder mijn hele voorbereiding (inclusief eigen cartoon), voorzien van alle bronverwijzingen naar de literatuur die ik heb geraadpleegd. Dus oordeel vooral zelf.

Intro: Trump heeft zijn moeder aan de lijn

Komt op als Trump (blauw pak, rode pet, rode das). Vuisten, dansmoves. “What a huge hellhole! Fantastic! Incredible!”

(gsm gaat). Maant het publiek aan tot stilte. “Sorry, telefoon.”

“Ja? Mama …”

“Uw grasmaaier? Die breng ik zaterdag terug mee. Je weet, ik zit in een grote verbouwing. Het gras afrijden is er nog niet van gekomen.”

“Maar … Nee, ik zit midden in een lezing. Een lezing in Leuven. In Leuven.”

“Nee, nee. Zo belangrijk is die niet. Het is hier toch maar een derderangs publiek. Het is maar voor LILI. Ja, dat is áltijd voor een derderangs publiek.”

“Ja, ik heb mijn goede schoenen aan. Die goede ja, met dat hakske.”

“Mama, ik ga u moeten laten…”

“Nee, dat doe ik dan wel met mijn zitmaaier.”

(gaat aan spreekgestoelte staan)

Sorry voor die onderbreking.

Mijn vrouw zei deze ochtend nog: “Je MOET dit niet doen, hé, je kunt ook gewoon je lezing houden…”

Ze zei trouwens nog iets anders … Wat was dat ook alweer? A ja, dat ik mijn pet moest afzetten.

Met mijn intro heb ik wel wat willen aantonen … Om te beginnen: hoe valt President Trumps spreekstijl te typeren (Wang & Liu, 2018)?

Hij gebruikt korte woorden en korte zinnen. Hij herhaalt ook stukken zin. Zijn vocabularium is beperkter dan dat van de vorige presidenten en presidentskandidaten (Gill et al., 2025).

[noot: in sommige debatten en speeches was zijn vocabularium soms opvallend uitgebreider. Waarschijnlijk omdat die zijn voorbereid door speechschrijvers].  

Conclusie: Trump praat eigenlijk zoals een kind van 10, 11 jaar.

Maar: hij dat wel begrijpbaar, en in spreektaal. Daardoor komt-ie authentiek over, en dat is een pluspunt (Kreis, 2017).

Zijn taal heeft iets zangerigs (immiteert): In Springfield, they are eating the dogs, they are eating the cats, they are eating the pets of the people that live there…  

Op trombone klinkt dat dan als (toetert de tekst). (Echt, iemand heeft die uitspraak op muziek gezet.)

Verder: Trumps taal is direct en provocerend (Omar, 2025). Dat hebben jullie bij mijn intro ook kunnen merken. Sorry daarvoor trouwens. Hij zei het tegen een journaliste tijdens een persconferentie: “Dat begrijp jij niet, want je bent een derderangs journalist, altijd al geweest.”

En net omdat hij de president is – zoals ik hier ook vooraan sta – kun je niet zo makkelijk reageren op die onbeschofte uitspraken. Hij is immers De President.

En dan de thema’s die Trump aansnijdt. Dat zijn er minder dan bij andere presidenten en presidentskandidaten. (somt op) Immigratie, veiligheid, jobs, buitenlands beleid, dat is het zowat (Wang & Liu, 2018).

Het is een beperkt aantal thema’s, met de idee dat de in-group, de échte Amerikanen, het slachtoffer zijn van het beleid op die terreinen van zijn voorgangers (Kadim, 2022). Terwijl zijn oplossingen bedrieglijk eenvoudig zijn.

Hij doet dat bovendien vanuit een wij-zij-denken (Altohami, 2024; Kreis, 2017). Heel opvallend: Trump is uiterst positief over de in-group en zichzelf, en uiterst negatief over de out-group, met een sterke stereotypering en categorisering. Trump is daarbij de bezorgde vader.

Wij, de pure Amerikanen, een homogene groep, waarmee hij zich vereenzelvigt, die hij vertegenwoordigt, versus de anderen. Je kent ze wel: sleepy Joe Biden en crooked Hillary Clinton. Tot die anderen behoren ook: Zwarte Amerikanen, Moslims en vooral illegale immigranten…

Tot voor kort behoorde men in het Amerikaans te spreken over undocumented immigrants. Sinds Trump zijn dat weer illegal immigrants.

Vanavond gaat het over taal, en dan heb ik voor de andere kant ook een tip. Wie voor Trump er ook niet bij horen: LGBTQ+ mensen. Sorry, maar dat gaat Trump nooit kunnen onthouden. Het moet trouwens ook zijn: LGBTQIA+ [noot: staat voor lesbian, gay, bisexual, transgender, queer or questioning, intersex, asexual, en meer]. Moeilijk te onthouden, dus geen inclusief taalgebruik. ‘Non-binair’ is dan toch beter als term.

En dat in-group-out-group-denken is echt wel iets curieus: de in-group kijkt naar de out-group en als daarvan dan één iemand iets mispeutert, is dat meteen kenmerkend voor de hele groep (Van der Dennen, 1987). Terwijl als iemand van de in-group precies hetzelfde doet, is er dat besmettingseffect niet. De in-group blijft uit losse individuen bestaan.  

Waarom zou dat problematisch zijn?

Hoe Trump spreekt, debateert, hoe hij zich kleedt (hoewel, dat is wel herkenbaar: die rode das en pet, dan bén je Trump) … maar dat is niet-presidentieel (Ashcroft, 2016). Zodoende ondergraaft hij het instituut van het Amerikaanse presidentschap, want dat is geen persoon, maar een instituut, dat een belangrijk land in de wereld vertegenwoordigt. Daarvan zullen we nog lang de gevolgen mogen ondervinden.

Trump is bovendien de vertegenwoordiger van een administratie. Normaal hoor je uit de mond van de president de waarheid. Maar je kunt hem niet vertrouwen in wat hij zegt. Hij liegt om de haverklap. Als je daarop kritiek wilt leveren, moet je natuurlijk niet zélf beelden gaan monteren zoals de BBC heeft gedaan. Dat is erg dom.

Maar zoals ik al zei, omdat hij de President IS kun je er ook niet op gepaste wijze op reageren. Want daar kan hij niet tegen.

Hij wil dat je je kleedt (zie Zelenski) en hem aanspreekt zoals je de president van VS aanspreekt en er bij op audiëntie gaat. Het is dus altijd een ongelijk gesprek.

Waar komt dat allemaal vandaan?

De literatuur (Elovitz, 2016) geeft aan dat zijn jeugd daarbij waarschijnlijk een grote rol speelt. Zijn familiale roots liggen in Schotland en Duitsland. Zijn voorouders heetten Trumpf, zo’n beetje als Schtroumpf, Smurf. [noot: Schtroumpf is in feite een Frans woord; zou bedacht zijn door stripauteur André Franquin]

Deze Grote Smurf was als kind heel competitief gericht, had een korte aandacht spanne en deed altijd zijn goesting.

Hij voelde zich voortdurend onrechtvaardig behandeld. Dat klinkt bekend in de oren.

Er is onderzoek dat stelt dat Trump de kenmerken heeft van een narcist: schaamteloze zelfpromotie, zelfverheerlijking, ijdel (Ashcroft, 2016). Denk aan de cover van Time waarbij zijn kapsel niet goed zichtbaar was.

Hoe kan je met een narcist praten (Carlson & DesJardins, 2015; Lachkar, 2008)?

Ik las ergens over de “empathische confrontatie”, dat dat een middel is om door te dringen tot een narcist (Behary & Dieckmann, 2011). Je moet proberen een band op te bouwen met de narcist op basis van eerlijkheid en vertrouwen. Zeg dus hoe wat hij zegt bij je binnenkomt, toon dat je een persoon bent met gevoelens, en dat je hem wel respecteert, als president.

Als je iets wilt bereiken moet je hem het gevoel geven dat wat jij voorstelt een overwinning is voor en van hem.

Hij redeneert, zakenman zijnde, waarschijnlijk vanuit een zero-sum game: hij wil winnen, en zijn winst moet een verlies zijn voor iemand anders. Plus en min is nul. Maar winst maken moet niet per definitie ten koste gaan van anderen. Mogelijk kunnen we beiden winnen, de VS en Europa, bijvoorbeeld als het gaat over het conflict in Gaza. Win-win. Mogelijk heeft hij daar oren naar.

Psychiaters geven aan dat narcisten waarschijnlijk een kwetsbaarheid hebben die ze willen afschermen (Behary, 2021).

Ik kan me voorstellen dat Trump zich wel eens eenzaam voelt, zich schaamt omdat de intellectuele elite hem als dom neerzet…

Dat zou wel betekenen dat je moet oppassen met kritisch te zijn voor hem. Hem eerder bewonderen om zijn krachtdadig optreden, zoals Mark Rutte deed. En dan misschien op zoek gaan naar zijn gevoelens, zaken in zijn omgeving die hem na aan het hart liggen aanraken.

Mist hij zijn mama? Misschien. … Ik had haar daarnet nochtans nog aan de telefoon.

Maar goed. Misschien is Trump geen narcist. En ik ben geen psychiater.

En trouwens, Joe Biden is dan waarschijnlijk ook een narcist (Shriver, 2024). Hij wilde per se nog eens tegen Trump uitkomen, vanuit persoonlijke ambities, om te domineren en te controleren …

Hoe kan je met iemand radicaal rechts praten?

Wat wel vast staat, is dat Trump een populist is, en radicaal rechts (Lacatus, 2021; Mudde, 2022). Hij zet zich af, als vertegenwoordiger van de gewone mensen, tegen een corrupte elite. Hij behoort wel ook zelf tot die elite, maar door zijn rode pet zet hij er zich ook tegenover af.

Hij is vóór de democratie, maar wijst principes zoals de gelijkheid van minderheden, de persvrijheid en de strikte scheiding van machten af.

Door zijn taal en argumenten te legitimeren, is er nu al een effect zichtbaar op het politieke systeem en het waardensysteem dat we hanteren (Stuckey, 2020). We boeren met z’n allen achteruit. Klaarblijkelijk verworven rechten en vrijheden zijn alweer verdwenen.

Alle mensen zijn niet meer gelijk. Daar komt het op neer. Moslims en non-binaire personen bijvoorbeeld horen er voor Trump niet bij.

Dat discours voedt hij, en omdat hij het als dé president doet, wordt het gelegitimeerd. Dus ik zou Trump wel stroop aan de baard smeren, maar wat hij zegt, inhoudelijk, niet overnemen.

Je moet zelf presidentieel blijven. Dus dat wil al zeggen: pet op! (doet dat)

Dus ja …

Anders moeten wij met z’n allen zijn termijn gewoon uitzitten.

En hopen dat er beterschap op komst is.

Laat hem maar zijn ballroom bouwen. Dan heeft hij ook minder gras af te rijden ….

Dank u. (slot: filmpje van Trump op zijn grasmaaier)

Literatuur

Altohami, W. (2024). Self-Framing and Other-(Re) framing in Institutional Political Discourse: The Case of Donald Trump’s Final Speech Before the UN. Theory and Practice in Language Studies, 14(1), 202-211.

Ashcroft, A. (2016). Donald Trump: Narcissist, psychopath or representative of the people? Psychotherapy and Politics International, 14(3), 217-222.

Behary, W. T. (2021). Disarming the narcissist: Surviving and thriving with the self-absorbed. new harbinger publications.

Behary, W. T., & Dieckmann, E. (2011). Schema therapy for narcissism: The art of empathic confrontation, limit‐setting, and leverage. The handbook of narcissism and narcissistic personality disorder: Theoretical approaches, empirical findings, and treatments, 445-456.

Carlson, E. N., & DesJardins, N. M. L. (2015). Do mean guys always finish first or just say that they do? Narcissists’ awareness of their social status and popularity over time. Personality and Social Psychology Bulletin, 41(7), 901-917.

Elovitz, P. H. (2016). A psychobiographical and psycho-political comparison of Clinton and Trump. The Journal of Psychohistory, 44(2), 90.

Gill, A., Raza, S., & Ishtiaq, M. (2025). Corpus-based genre analysis of Donald Trump and Joe Biden’s inaugural speeches. Journal of Applied Linguistics and TESOL (JALT), 8(1), 813-826.

Kadim, E. N. (2022). A critical discourse analysis of Trump’s election campaign speeches. Heliyon, 8(4).

Kreis, R. (2017). The “tweet politics” of President Trump. Journal of language and politics, 16(4), 607-618.

Lacatus, C. (2021). Populism and President Trump’s approach to foreign policy: An analysis of tweets and rally speeches. Politics, 41(1), 31-47.

Lachkar, J. J. (2008). How to Talk to a Narcissist. Routledge.

Mudde, C. (2022). The far-right threat in the United States: A European perspective. The ANNALS of the American Academy of Political and Social Science, 699(1), 101-115.

Omar, T. (2025). Ridicule Strategies in Donald Trump’s 2024 Election Campaign Speeches: A Shift in Political Speech—A Discourse Analytical Study. The International Journal of Communication and Linguistic Studies, 23(4), 1.

Shriver, L. (2024). Is Biden or Trump a bigger threat to democracy? Spectator, 354(10207), 21-22.

Stuckey, M. E. (2020). “The power of the presidency to hurt”: The indecorous rhetoric of Donald J. Trump and the rhetorical norms of democracy. Presidential Studies Quarterly, 50(2), 366-391.

Van der Dennen, J. M. (1987). Ethnocentrism and in-group/out-group differentiation: A review and interpretation of the literature. The sociobiology of ethnocentrism, 1-47.

Wang, Y., & Liu, H. (2018). Is Trump always rambling like a fourth-grade student? An analysis of stylistic features of Donald Trump’s political discourse during the 2016 election. Discourse & Society, 29(3), 299-323.

Stripgids Academie: de resultaten

Intussen heb ik voor de derde keer de hele Stripgds Academie in Turnhout doorlopen, telkens goed voor tien bijeenkomsten waarbij de top van de Vlaamse stripgilde een groep cursisten mee op sleeptouw nam. Van iedere docent heb ik weer iets anders bijgeleerd. Echt fantastisch. Mijn doel is uiteindelijk m’n eigen graphic novel rond te krijgen, waaraan ik sinds juni 2019 werk. Nog vier jaar te gaan, schat ik. Telkens ik de cursus doorlopen had, ben ik opnieuw begonnen… Dit keer blijf ik echter op de ingeslagen weg doorzetten. In oktober 2023 heb ik besloten, voor een tweede keer, de volledige graphic novel uit te schetsen, goed voor ruim 300 pagina’s (formaat A5). Ik wil eerst voldoende routine opdoen bij het tekenen, inkten en inkleuren. Momenteel heb ik nog veertig pagina’s te gaan. Daarna hoop ik met de uiteindelijke versie te kunnen starten en een uitgever te zoeken.

Deze editie van de Stripgids Academie heb ik vooral technische zaken bijgeleerd. De eerste opdracht was een verstripping van een kortverhaal van Johan Stuyck. Vorige editie had ik dat ook al met veel plezier gedaan. Dat eindresultaat is gepubliceerd in het novembernummer 2023 van Stripgids. Deze nieuwe tekening heb ik in potlood gemaakt, en digitaal ingeïnkt en ingekleurd. Het kleurenpalet heb ik geleend uit het geweldige Malaterre van Pierre-Henry Gomont. De lettering heb ik met de hand gedaan, gebaseerd op het uitgespuwde lettertype comic sans.

Verstripping van “Het Licht”, een kortverhaal van Johan Stuyck (potlood, digitale inkt en kleuren)

De jonge en bevlogen stripauteur Thibau Vande Voorde vroeg om een cover te ontwerpen op basis van enkele lijnen tekst die hij gehaald had uit een verder onbekend horrorverhaal (iets van Stephen King, gokten de cursisten). Thibau daagde me uit om verschillende stijlen te verkennen. Welke versie is nu de beste? Toegegeven, de titel had spannender gekund. Op de versie rechts heb ik op basis van de feedback een patroon aangebracht op de sofa, waardoor de figuren er meer uitspringen. Verder heb ik het gietertje een andere kleur gegeven. In mijn fantasie is het jongetje namelijk de oorzaak van de wildgroei aan cactussen uit het verhaal.

Twee versies van een imaginaire graphic novel (potlood, inkt, aquarel)

De bejubelde Joris Mertens, die een verleden heeft in de film- en televisiewereld, vroeg om een storyboard uit te werken, met veel aandacht voor camerastandpunten en decoupage. Ik had van de gelegenheid gebruikgemaakt om hem een scène uit mijn graphic novel voor te leggen. Heerlijk toch hoe hij echt mee heeft gedacht, plaatje per plaatje… tien pagina’s lang. Bij zijn feedback legde hij de nadruk op het voldoende afwisselen van standpunten, en tekeningen die binnen het kader blijven en die tot de rand van de pagina lopen (door Scott McCloud ‘bleeds‘ genoemd).

Fragment uit het voorontwerp van “De Grens” (inkt en aquarel)

Hou de pagina van Stripgids in de gaten als je zelf aan de volgende editie van deze uitmuntende cursus wilt deelnemen, of schrijf je in op de nieuwsbrief.

Armoede laat zich niet zomaar in een entertainment-format gieten

Het moet sneu zijn voor de makers dat de reality-reeks Astrid en Natalia: Back to reality al na één aflevering van de buis werd gehaald. Al kan ik me wel iets voorstellen bij die beslissing. Armoede is een complexe problematiek die zich niet zomaar in een entertainment-format laat gieten. In armoede leven is geen keuze en gaat gepaard met een groot publiek stigma. Programmamakers moeten zich daarvan bewust zijn. Een tv-programma waarin het doel is in beeld te brengen hoe een aantal bekende Vlamingen ervaren hoe het voelt om in een kleine zeilboot de oceaan over te varen of om, een ‘pulk’ achter je aan slepend, door Groenland te trekken, slaat aan bij kijkend Vlaanderen. Maar dat blijkt toch nog iets anders te zijn dan twee vedetten dertig dagen met een krap budget in een rijhuis in Turnhout te zetten. Ik had er een gesprek over met Adriaan Cartuyvels van Knack en met Max De Moor van De Standaard. Sofie Gebruers van Het kwartier maakte er een podcast van en Stien Schoofs van VRTNWS vatte de teneur samen. 

Hoewel het niet meevalt om op vragen van journalisten te antwoorden die direct betrekking hebben op de actualiteit, baseer ik mijn oordeel wel degelijk op wetenschappelijk onderzoek. Lang geleden was ik al betrokken bij een studie die ging over hoe in onder meer Jambers en Het leven zoals het is armoede in beeld werd gebracht. Later volgde een uitgebreide frame-analayse in samenwerking met de Koning Boudewijnstichting. Vrij recent verscheen een open acces-artikel in International Journal of Strategic Communication de resultaten van experimenteel onderzoek waarin ik samen met dr. Bart Vyncke ben nagegaan hoe een sensibiliseringscampagne het stigma rond kinderarmoede kan verlagen.  

Studiedag “Het nieuws anders bekeken”

Affiche_Verdraaid_JPEG

“Subjectiviteit, sensatie en roddel lijken termen die specifiek voorbehouden zijn om de nieuwsmedia van vandaag te typeren. Het is zelfs overbodig toe te lichten wat men met die aanduidingen precies bedoelt. (…) Nieuwsmedia slagen er nauwelijks in om die slechte naam van zich af te schudden.”

Er is nood aan een genuanceerd beeld van de journalistiek: het gaat immers niet op om de nieuwsmedia een gebrek aan nuance te verwijten als die verwijten zelf de nodige nuance missen. Om uw blik op de journalistieke wereld te verruimen organiseren het Instituut voor Mediastudies van de KU Leuven en de opleiding Master in de Journalistiek, campus Sint-Andries Antwerpen, op 20 april 2018 een studiedag naar aanleiding van het zopas verschenen boek “Verdraaid! Het nieuws anders bekeken”. Deze studiedag wil de dialoog tussen de ‘theorie’ en de ‘praktijk’ rond nieuws en journalistiek verder stimuleren door in een academische setting een aantal journalisten aan het woord te laten, om vervolgens met hen in gesprek te gaan. Naast ikzelf komen een aantal journalisten aan het woord. Zo is er Nathalie Carpentier die onlangs grote indruk maakte met een nieuw genre, namelijk journalistieke beeldverhalen. Voor De Correspondent en De Standaard Weekblad maakt ze grafische reportages over onder meer dementie en psychische aandoeningen. Zij komt vertellen hoe deze vorm van journalistiek het mogelijk maakt om over bijzonder gevoelige thema’s verslag uit te brengen. Verder komt Annelies Van Herck, nieuwanker bij Het journaal van de VRT aan het woord. Zij licht toe hoe een presentatietekst voor een tv-journaal tot stand komt, hoe ieder woord perfect gekozen moet zijn. Van een nieuwslezer verwacht de kijker immers dat die een neutraal woordgebruik hanteert, dat echter tegelijk ook aansprekend en begrijpelijk moet zijn. De buitenlandse gast op het programma is AP-fotograaf Burhan Özbilici. Hij won in 2017 de prestigieuze World Press Photo-competitie met een beklijvende foto van de moord op de Russische ambassadeur Andrej Karlov in Ankara. Hij zal vertellen hoe hij die bewuste dag ‘gewoon’ zijn werk deed, en helemaal niet de held aan het uithangen was toen hij met gevaar voor eigen leven de moordenaar en zijn slachtoffer vastlegde. Het publiek krijgt de gelegenheid om de sprekers vragen te stellen, om een ander en genuanceerder beeld te krijgen van de hedendaagse journalistiek en van de uitdagingen waarmee journalisten te maken krijgen.

Het volledige programma:

13u ontvangst met koffie
13.30u verwelkoming door prof. Michaël Opgenhaffen
13.35u inleiding “Het nieuws anders bekeken” door prof. Baldwin Van Gorp
13.55u Nathalie Carpentier (DS Weekblad, De Correspondent) over de mogelijkheden van het beeldverhaal als journalistiek genre (gevolgd door Q&A)
14.35u koffiepauze
14.55u Annelies Van Herck (nieuwsanker Het Journaal) over de kunst van het maken van presentatieteksten voor een tv-journaal (gevolgd door een opdracht voor het publiek: schrijf zelf een presentatietekst voor het journaal)
15.35u Burhan Özbilici (AP fotograaf) met het bijzondere verhaal achter zijn winnende fotoreeks World Press Photo 2017 (gevolgd door Q&A)
16.15u slotbedenkingen door prof. Baldwin Van Gorp
16.30u afsluitende receptie met een hapje en een drankje
Inschrijven (15 euro zonder boek / 39,99 euro met boek) kan via deze link.

Verdraaid! Het boek is er…

Ik had er al heel lang naar uitgekeken, en toch nog was het een verrassing toen een koerier aanbelde met een aantal grote dozen. Mijn boek is er! 359 bladzijden telt het uiteindelijk. En ik had nog niet het gevoel uitverteld te zijn. Maar voorlopig moet dit volstaan. Het boek is via alle gekende kanalen (bol.com, Standaard Boekhandel …) leverbaar en bestelbaar.

Gaandeweg verneemt de lezer het antwoord op prangende vragen zoals:
  • Waarom valt er voor een journalist van Kuifje maar weinig te leren?
  • Waarom hebben de tabloids een frisse wind doen waaien door het Britse medialandschap?
  • Wat is voor een journalist in oorlogsgebied het ergste: de gruwel zien of de gruwel voelen?
  • Waarom had de auteur het beter op een lopen gezet tijdens een interview met Radio 1-presentatrice Annemie Peeters?
  • Waarom was Deep Throat, de anonieme bron van Bob Woodward tijdens de Watergate-affaire, achteraf zo boos op de beroemde journalist?
  • Waarom moeten journalisten bewuster worden van hun eigen frames?
  • Was de Duitse undercoverjournalist Günter Wallraff de enige die zich voor Ali heeft uitgegeven of waren er meerdere Ali’s?
  • Waarom bleef Burhan Ozbilici, de winnaar van de World Press Photo 2017, maar verder fotograferen terwijl er voor zijn neus een moord was gepleegd?
  • Waarom gelooft iemand als Arnon Grunberg niet in objectieve journalistiek?
  • Waarom valt er toch ook iets goeds te zeggen over paparazzi en de roddelbladen?​

 

verdraaid_hetnieuwsandersbekeken

Verdraaid! Het nieuws anders bekeken is vanaf begin maart 2018 overal te koop

Op het programma de komende tijd:

  • 8 maart 2018: Het boek in primeur: “Wat is … framing?”, avondlezing in Kortrijk georganiseerd door het Postuniversitair Centrum (zie hier voor meer info)
  • 13 maart 2018: Workshop “Framing, de 12 brillen van armoede” in ’s Hertogenbosch (NL) in het kader van het ASH congres Expeditie 073
  • 14 maart 2018: Studiedag “Armoede in de klas”, georganiseerd door de ABN-AMRO stichting in Amsterdam (NL)
  • 26 maart 2018: gastles “Framing” aan de UGent in de cursus ‘Maatschappelijke structuren’, opleiding psychologie.

 

 

Gezocht: een succesverhaal over het onderzoek naar Alzheimer

Op 10 januari 2018 trok Pfizer, zowat de grootste medicijnenproducent ter wereld, de stekker uit het onderzoek dat als doel had een geneesmiddel voor de ziekte van Alzheimer te vinden. Nochtans zou het vinden van een pil die de symptomen van deze aandoening tenminste kan afremmen de jackpot voor het bedrijf betekenen. Alleen al in België hebben meer dan 200.000 mensen dementie, aldus een becijfering van het Expertise Centrum Dementie Vlaanderen. Een voor de hand liggende reden waarom de farmareus toch de drastische beslissing nam, is dat het onderzoek niet de verwachte resultaten heeft opgeleverd. Misschien is het wel zo dat een dergelijk medicijn een soort Heilige Graal is, dus dat het vinden van zo’n medicijn in een en dezelfde beweging gebruikt kan worden om de natuurlijke veroudering van de mens tegen de gaan. Is de wetenschap die zich bezighoudt met het onderzoek naar dementie in staat om het geheim van de eeuwige jeugd te ontrafelen? Klinkt alleszins spannend. Maar niet bepaald realistisch. Het geloof in het kunnen van de wetenschap wordt wel als frame gebruikt om het over Alzheimer te hebben, als een laatste strohalm. Maar ook zo’n strohalm kan uiteindelijk knappen.

Kankeronderzoek kan succesverhalen voorleggen, en die houden de hoop levende dat de miljarden die dit type onderzoek al heeft opgesoupeerd uiteindelijk echt zal renderen. Het onderzoek naar Alzheimer moet het in belangrijke mate stellen met de charismatische verschijning en welbespraaktheid van onderzoekers zoals Bart De Strooper en Christine Van Broeckhoven. Zij pleiten terecht voor méér middelen voor het onderzoek naar Alzheimer en andere oorzaken van dementie. Hoewel ook de vraag kan worden gesteld of er ook niet meer middelen moeten gaan naar de zorg voor ouderen met dementie. Care of cure dus, of beter: care én cure. Net zoals bij framing van andere maatschappelijke kwesties zijn er dus ook hier grote belangen in het spel.

Vorig jaar rond deze tijd heb ik met mijn gezin in Zuid-Afrika verbleven, met een dochtertje van één en een zoontje van vier. We hebben er een fantastische tijd gehad, wetende dat de kinderen zich er later niets, of de oudste misschien een flard, van zouden herinneren. Toch doe je dat als ouder, als een stuk levenservaring die je ze kan meegeven. Stel echter dat je met een persoon met dementie een dergelijke reis zou maken – die herinnert er zich naderhand mogelijk ook niets meer van – zouden we dan ook spreken in termen van een levenservaring? Tijd investeren in kleine kinderen rendeert, tijd spenderen aan ouderen is een ‘waste of time’, en ook van ‘money’. In deze framing zit mogelijk eveneens een verklaring waarom Pfizer het niet ziet zitten nog langer geld te ‘investeren’ in wat bekend staat als een ouderdomsziekte. Het zijn “kosten op het sterfhuis”, zoals men in Vlaanderen zegt. Kortom, de framing van ouderen doorkruist de framing van dementie.

jong_en_oud_3

Intussen is bekend geworden dat Vlaanderen verder gaat met de fameuze Vergeet dementie, onthou mens-campagne, gebaseerd op het onderzoek van Tom Vercruysse en mezelf. 

Op 20 februari 2018 vindt aan de KU Leuven een lezing plaats van de gerenommeerde onderzoekers Perla Werner (University of Haifa), Peter Simonsen (University of Southern Denmark) en Patrick Cloos (Université de Montréal) met als thema The Cultural Perception of Dementia. Hoe mensen naar Alzheimer en andere oorzaken van dementie kijken, de rol van stigma en van zelfstigma komen daarbij uitgebreid aan bod. Iedereen is welkom maar inschrijven is nodig.

Daarna volgen er nog andere evemenenten en lezingen over de maatschappelijke aspecten van dementie. Alle praktische informatie is te vinden op de website van Metaforum KU Leuven.

 

Wie de pyjama past trekke hem aan

In onderstaande figuur zijn enkele stereotiepe kenmerken van psychiatrische patiënten te zien. Deze hebben een pyjama aan (zie bijv. One flew over the cuckoo’s nest uit 1975 van Milos Forman), ze kijken scheel en wezenloos voor zich uit en houden de tong uit de mond. In stripverhalen geeft de krul boven het hoofd aan dat ze ‘doorgedraaid’ zijn (zie bijv. “Te gek om los te lopen” uit de reeks De Blauwbloezen van Lambil en Cauvin, 1991).

psychische_aandoeningen_fictie

De trechter op het hoofd moet het meest stereotiepe hoofddeksel van de dwaas zijn (bijv. Lucky Eddie uit Hägar the Horrible van Dik Browne en “De lijfwachten zijn knetter” uit 1975 in de reeks Sammy van Berck en Cauvin). De trechter wordt doorgaans als een symbool voor kennis gezien. Voor een dwaas is het ding mogelijk niet van nut, en fungeert het dan maar als hoofddeksel. De herkomst van de trechter als hoofddeksel van de gek is moeilijk te achterhalen. Maar deze gaat minstens terug tot de vijftiende eeuw. Jheronimus Bosch schilderde destijds immers een chirurgijn die een kei uit het hoofd van een dwaas haalde. In dit laatste voorbeeld is het echter de chirurgijn (of kwakzalver?) die de trechter op het hoofd heeft staan.

Verder zijn psychiatrische patiënten vrij passief, al kunnen ze af en toe een dansje opvoeren (zie bijv. “De blauwe lotus” uit de reeks Tintin van Hergé, 1936). In het geval dat ze potentieel gevaarlijk zijn, krijgen ze een dwangbuis aangetrokken, in extreme gevallen in combinatie met een mondmasker (zie bijv. The silence of the lambs uit 1991 van Jonathan Demme). Deze kenmerken zijn bovendien onbeperkt combineerbaar.

De figuur presenteert slechts enkele voorbeelden hoe erin de cultuur over personen met psychische aandoeningen gedacht wordt. Het Instituut voor Mediastudies van de KU Leuven deed in opdracht van de Koning Boudewijnstichting, het Koning Fabiolafonds en het Fonds Julie Renson uitgebreid onderzoek naar de beeldvorming aangaande psychische aandoeningen. Het eindrapport is inmiddels (gratis) beschikbaar en bevat naast een overzicht van de bestaande frames ook een aantal alternatieve counterframes. Verder wordt er verslag uitgebracht van het gebruik van deze frames en counterframes in de Belgische pers, van een grootschalig experiment en van een interviewstudie bij professionals uit de sector voor geestelijke gezondheid. Food for thought.

 

Welkom op mijn persoonlijke webpagina

Het woord, het beeld en het frame. Via deze website deel ik graag mijn passie voor het geschreven woord, voor fotografische beelden en het concept framing.

Als het even kan, presenteer ik alleen maar woorden, beelden en inzichten rond framing van eigen makelij. (Zo heb ik de foto van de leeuw die verwerkt zit in de banner zelf in Afrika geschoten; het brave dier heeft dat uiteraard overleefd.)

Onder de keuzes in het bovenstaande menu vindt de bezoeker voorlopig enkel nog maar een aantal ‘teasers’, in afwachting van meer…